Jo Wijnen spreekt voor Ooijse KBO

 

dscf0663a

 Vanmiddag sprak Jo Wijnen, journalist en bekend als columnist van de Gelderlander in de Sprong te Ooij voor de leden van de seniorenbond  KBO met als thema "Levenskunst en zingeving". Vele belangstellenden vanuit de Ooij en daarbuiten waren naar het dorpshuis gekomen om het verhaal van Jo en  Kees Scheffers  van het centrum voor Ouderen en Levensvragen te Nijmegen,  aan te horen en nadien vragen te stellen. Het was weer een zinvolle besteding van een "vrije middag". zie de foto's.

 

 LEVENSKUNST EN ZINGEVING
Oud zijn en het genot van leven in wijsheid
  (Bron: de Gelderlander)


In de wereld van incontinen­tieluiers, 55-plus beurzen en mannen die op hun 71ste nog de Mont Ventoux willen beklimmen, leeft Jo Wijnen.
Columnist en liefhebber van de schoonheid van het leven. Een les in wijsheid.

Door HANS JACOBS
OOIJ ● Op het einde zegt hij dat je niets hoeft te laten. „Als je ver­liefd wordt, doe het dan; wil je dansen, doe het. Nu kun je nog antwoord geven. Maar straks als het leven, als de klachten je aan­vallen, kan het niet meer. Dan laat je lichaam of je verstand het niet meer toe."
En toen was het stil in de zaal van De Sprong in Ooij. Een bom­volle zaal ouderen. Een middag­je bij de KBO afdeling Ooij. Op de koffie bij de columnist van deze krant, bij Jo Wijnen. Eentje van hun, maar wel een jongere met 67 jaar. Een lezing op de ba­gagedrager van het Centrum voor Ouderen en Levensvragen.
Praten over de valkuilen van het ouder worden en de zoektocht naar de zingeving van het klim­men der jaren. En Jo Wijnen kan dat. Jo kent hun gevoelens, trapt zelf ook in de valkuilen die de commercie voor de ouderen graaft. Weet waarmee ouderen zichzelf voor de gek houden.
„Hoe houden we de angst voor de dood weg? Het antwoord: door jong te zijn, door te zoeken naar de eeuwige jeugd, vitaal te leven." De zelfkennis raast door de zaal. Jo is een rasverteller die je vangt. Die weet dat het oud zijn komt als je alles al hebt ge­had. „En daarna willen ze ook nog dat je met fatsoen dood gaat. Vroeger had je de hemelse gelukzaligheid. Maar daar twijfe­len we nu aan. Dus bedriegen we ons met het jeugdige gevoel die incontinentieluiers ons ge­ven, met de traplift die een vi­taal leven preekt. „Maar we ver­geten het gebrek: we kunnen de trap niet op. Je hoort niets over de echte angst waarmee je in de wachtkamer van de dokter zit, het piekeren over de kinderen, de angst over wat je te wachten staat: de dood." Dus wil Jo pra­ten over zingeving, over accepta­tie van het ouder zijn. Daarvoor bestaat geen recept. „Je moet het zelf doen, maar doe het op­recht, kom er eerlijk voor uit, ga eerlijk met je angsten en je onze­kerheid om. Je hebt ze, ze zijn er en je moet er mee verder.
Maak je los van de illusies.
Ouder worden is leven met je be­perkingen. Je bent wie je bent, verzoen je ermee. Wijsheid is eindelijk de tijd krijgen om fat­soenlijk over jezelf na te den­ken." Stilte en bewondering zijn het dank- je- wel voor deze war­me les in wijsheid

Doodgaan in Ooij of toch maar niet? (Cheng van Thung)

 

Wat is wijsheid?

 

Welk zinnig mens haalt zich dergelijke vragen in zijn hoofd, denkt U wellicht. Daar kunnen we sinds 16 november duidelijk over zijn: de Bond van Ouderen in Ooij (ook wel KBO genoemd). Onze Ooijse ouderen hadden over de titelvragen een informatiemiddag georganiseerd. Het kan immers geen kwaad om naast kienen, keuvelen, biljarten, koersballen dansen en zingen ook eens naar je binnenste te luisteren om vervolgens weer je oren te kunnen laten hangen naar het kletsen van de ballen of andere instrumenten. Om het enigszins verteerbaar en begrijpelijk te houden was Jo Wijnen, columnist van de Gelderlander uitgenodigd en voor noodgevallen was pastoraal medewerker Kees Scheffers aanwezig.

Vice-voorzitter Jan Donderwinkel mocht een volle zaal welkom heten, eigenlijk een bewijs dat onze Ooijse ouderen meer noten op hun zang hebben dan velen dachten. Om de zaken overzichtelijk te houden kwam Jo Wijnen met een schema over het menselijk leven. Na de kindertijd met zijn verwondering komt de jeugd met zijn verliefdheden en zijn kennisvergaring voor een eventueel ambacht, vervolgens de middelbare leeftijd met carrière, kinderen en kostverdienen en tenslotte komt de moeilijkste fase, die van de echte ouderdom. Ook daarbinnen heb je nog weer indeling welke begint met de tijd van de puberale oudere die nog bijna fit is en net niet meer de Ventoux per fiets kan beklimmen ( toch een tocht van 20 kilometer de berg op via een helling van gemiddeld 10%) en echt tenslotte de laatste fase wanneer het echt afgelopen is met de pret. Het crematorium of het graf is dan nog een kwestie van tijd. Over deze allerlaatste fase sprak Kees Scheffers behartigenswaardige woorden. Het is immers het tijdstip van de waarheid, we kunnen niks meer camoufleren of afdekken en het is zaak daar eens goed over te hebben nagedacht. Immers dat scheelt volgens Scheffers een boel pijn, zwarigheid en depressies. Voor de omstanders geldt dat ze wellicht wat minder met lege handen staan, althans zeker dat gevoel hebben, maar dat een luisterend oor heel wat verlichting, zelfkennis en inzicht kan brengen. Veel ouderen waren geboeid door zijn benadering, al was er aan de bar wel iemand die vond dat hij in het centrum voor levensvragen waar Scheffers werkt meer het centrum voor sterftevragen dacht te herkennen.

Jo Wijnen behandelde vooral de fase van de jeugdige oudere. De jeugdige oudere heeft meer vrije tijd gekregen en wat nu? Ook tijd om eens na te denken, iets dat er vroeger niet zo van kwam omdat inderdaad soms de wereld letterlijk op je af raasde? Wordt het nu een voorbereiden op de dood of leuker gezegd het begin van de grote vakantie? Gaan we in op alle illusies van de wereld die ons worden aangepraat? Zijn we gelukkiger met de traplift welke door een overjarige jeugdige dame charmant wordt aangeprezen? Zijn we gelukkiger met de kerst in de bus op weg naar, ja op weg naar wat? Eten, drinken, sneeuw, naar anderen die in hetzelfde schuitje zitten? Zijn we gelukkiger als we op de beurs voor ouderen merken eigenlijk op een verkoopplaats van protheses te zijn beland, kompleet met doodshemden zonder zakken? Vroeger gingen de mensen toch ook gewoon dood, daar deed toch niemand moeilijk over, denken we. Waarom dan nu niet gewoon het bekende boekje invullen met de namen van de genodigden voor het afscheid, de indeling van de rouwdienst, het bidprentje, kiezen voor cremeren of begraven, komt er een kop koffie of een borrel na afloop en voor wie dan wel? Maar er moet natuurlijk wel eerst gestorven worden. En wie zouden dat nu zijn?  Wij dus. Met mijn moeder heb ik het er wel eens over gehad als ze zei "die klok is voor die en die fiets is voor die en de auto, die mag jij hebben voor alle goede zorgen". Dan zei ik, "mam schrijf dat op of moet ik het doen, maar dan moet je er wel een handtekening onder zetten anders geldt het niet, sterker nog dan zal je zien dat van al jouw wensen en voornemens niks terecht komt."

Ze deed het niet, ze kon het niet, te confronterend. Zo gaat dat soms. Dus.. het ging anders. Is dat nu het belangrijkste probleem? Of is er toch nog meer, al dan niet weggestopt? Ja, er is de angst voor de dood, de angst voor de ontluistering, de angst voor het decorumverlies, de angst om niet meer goed in het hoofd te zijn, misschien wel de angst om het alleen te moeten doen. Hoe hiermee om te gaan? Wegkijken? Helpt niet echt en je moet de invulling van deze vragen echt alleen voor jezelf invullen, zij het dat je er met anderen over kan praten als je het geluk hebt dit soort mensen te kennen. En dat dan in de grootst mogelijke oprechtheid, met alle angsten en onzekerheden, maar natuurlijk ook weer niet de hele dag. Immers we zijn niet meer dan we kunnen zijn, en het is belangrijk daarbij eerlijk te blijven tegenover jezelf. "Maar", zegt Wijnen "Ik heb natuurlijk goed praten". Maar we ontkomen er niet aan om een keer te leren leven met beperkingen en ons daarmee te verzoenen en dat kan soms lang duren, we geven immers niet gauw op. Een toch tamelijk onverdachte bron, het misboekje van zondag 12 november laat op de achterflap de volgende tekst zien: "Levende wezens zijn niet slechts, maar zij verlangen ook te zijn". Met andere woorden "Mensen (en andere levende wezens) willen niet alleen leven, ze willen gewoon niet dood." En toch zal het gebeuren dat weten we ook. Dat wordt dus een heel gevecht en op een gevecht moet je je goed voorbereiden. Nu dus..

Nu het nog kan, geniet van de dingen en regel dingen "Als je verliefd wordt, doe het dan, doen doen doen, pluk de dag,  pluk je vrouw, pluk je man, pluk de hele wereld, nu kan het nog, zonder daarbij jezelf voorbij te lopen. Zeker is, je energie wordt minder, je kracht wordt minder, doe dan ook minder, neem je verlies en kijk wat je overhoudt, kijk naar het halfvolle glas en niet naar het half lege, kijk naar wat je wel kunt en probeer daarvan te genieten, dat is levenskunst, misschien is dat zelfs wijsheid. Cheng Van Thung.

.